4. Gezondheid als basis
Inleiding
Gezondheid is meer dan ‘niet ziek zijn’. Gezondheid gaat ook over veerkracht, over meedoen in de maatschappij, betekenisvol werk hebben en over de omgeving waarin je leeft. Mensen zijn er in beginsel zelf verantwoordelijk voor dat ze gezond eten, goed voor zichzelf zorgen, voldoende bewegen, sociale contacten onderhouden en naar school of werk gaan. Maar niet iedereen leeft in de omstandigheden om zelf gezonde keuzes te maken en de dagelijkse verleidingen te weerstaan. Sommige mensen hebben daarvoor te weinig grip op hun gezondheid. Ze missen het vermogen om die grip te vergroten. Ook is er een grote groep mensen met een beperking die niet in staat is om mee te doen in de maatschappij. Armoede, schulden, problemen rondom huisvesting, eenzaamheid, werkloosheid, een beperking, een lage opleiding of de kwaliteit en de inrichting van de leefomgeving. Ze hebben allemaal invloed op hoe gezond je bent en hoe gezond je je voelt. Het gaat het niet alleen om de lichamelijke kanten van gezondheid. Het gaat ook om het vermogen je aan te passen, welbevinden, eigen regie, veerkracht, participatie en zingeving. We pakken de gezondheidsvraagstukken vanuit een breed perspectief aan, waarbij we de verschillende domeinen overstijgen. Het gaat er niet om wat iemand niet meer kan, maar juist om wat iemand wel kan, belangrijk vindt en eventueel wil veranderen. Voor de periode 2022-2027 geven we binnen dit thema aandacht aan het terugdringen van overgewicht, roken en alcoholgebruik en we stimuleren sport en bewegen. Ook geven we aandacht aan het bevorderen van de mentale gezondheidsproblematiek bij jongeren en het organiseren van een doorgaande lijn in de jeugdgezondheidszorg.
4.1 Terugdringen overgewicht, roken en middelengebruik
Overmatig alcoholgebruik, ongezonde voeding, te veel zitten en roken zijn verreweg de grootste oorzaak voor ziektelast in Nederland, met 35.000 doden en 9 miljard euro aan zorguitgaven per jaar. Ongezond gedrag wordt vooral bepaald door blootstelling aan omgevingsprikkels: zien roken doet roken bijvoorbeeld. Een overdaad aan verleidingen maakt het voor veel mensen bijna onmogelijk om minder en gezonder te eten of af te zien van alcohol. Vooral mensen met erfelijke aanleg of met aangeleerd gedrag in de vroege kinderperiode hebben moeite om weerstand te bieden tegen deze prikkels. Bij sommige inwoners leidt dit tot middelengebruik naast het roken en het alcoholgebruik.
50% VAN DE INWONERS HEEFT OVERGEWICHT
Waar staan we?
In de gemeente Heerde heeft 50% van de inwoners overgewicht en houdt circa 45% (regiogemiddelde 41%) van de inwoners zich aan de alcoholrichtlijn. 16% van de inwoners met de leeftijd van 19+ rookt (regiogemiddelde 22%). Aandacht voor het niet roken en het stoppen met roken blijft dan ook een aandachtspunt.
We hebben een Lokaal Preventieakkoord opgesteld dat gebaseerd is op een Nationaal Preventieakkoord. Binnen dit akkoord zijn er met veel lokale organisaties afspraken gemaakt om overgewicht en het gebruik van middelen terug te dringen. Gezamenlijk bepalen de deelnemende partners welke doelen er jaarlijks behaald moeten worden. Daarnaast sluiten we aan bij regionale projecten.
WE LEGGEN HET ACCENT OP GEZONDE VOEDING EN VOLDOENDE BEWEGING OM ZO OVERGEWICHT TERUG TE DRINGEN
Wat zijn onze ambities?
Het doel is dat we inwoners, jongeren en ouderen, bewust maken van de negatieve effecten van het gebruik van alcohol en roken. Daarnaast leggen we het accent op gezonde voeding en voldoende beweging om zo overgewicht terug te dringen.
We willen de ambities realiseren die zijn vastgelegd in het lokale preventieakkoord, dat zijn:
- Het opzetten van projecten gericht op het terugdringen van overgewicht, roken en middelengebruik. We monitoren de voortgang en het uitvoeren van de acties uit het lokale preventieakkoord, het regionale project Rookvrije Generatie en activiteiten rondom preventie drugsgebruik.
- Handhaving en preventie werken nauw samen op het gebied van problematisch middelengebruik. Dit zien we terug in de gezamenlijke uitvoering van nieuwe vormen van preventieve aanpak.
Hoe laten we dit zien?
- Het aantal inwoners met overgewicht neemt af volgens de GGD-gezondheidsmonitor
- Het aantal inwoners dat rookt en middelen gebruikt neemt af volgens de GGD gezondheidsmonitor
Sport en bewegen zijn belangrijke middelen om gezond op te groeien en vitaal ouder te worden
4.2 Stimuleren van sport en bewegen
Sport en bewegen zijn belangrijke middelen om gezond op te groeien en vitaal ouder te worden. Voldoende beweging heeft invloed op zowel je lichamelijke als psychische gesteldheid. Het draagt bij aan het voorkomen van overgewicht en het helpt om fit te blijven. Daarnaast hebben sporten en bewegen ook een maatschappelijk functie: het brengt mensen bij elkaar.
Waar staan we?
Uit cijfers van GGD-gezondheidsmonitor 2020 blijkt dat in Heerde 53% van de volwassenen en senioren voldoet aan de beweegrichtlijnen 2017 (was in 2016 nog 50%). Deze beweegrichtlijnen zijn 150 minuten per week matig intensieve inspanning, 2x per week sporten en het voorkomen van veel stilzitten.
Wat zijn onze ambities?
- We stimuleren de sport- en beweegdeelname onder alle inwoners van de gemeente Heerde, zowel in georganiseerd als ongeorganiseerd verband.
- We zorgen voor duurzame sportaccommodaties met vitale verenigingen die in verbinding staan met het sociale domein. We realiseren de ambities en doelstellingen uit het lokale sport- en beweegakkoord Heerde.
Hoe laten we dit zien?
- We monitoren de effecten van de projecten binnen het lokale sport- en beweegakkoord Heerde
- We zien een toename in het percentage mensen dat beweegt en sport. Hiervoor gebruiken we onder andere de gegevens van de gezondheidsmonitor van de GGD.
4.3 Bevorderen mentale gezondheid bij kinderen en jongeren
Een toenemend aantal kinderen en jongeren heeft te maken met mentale gezondheidsproblematiek. De coronacrisis en bijbehorende maatregelen heeft deze ontwikkeling negatief beïnvloed. Met name diegenen die zich al in een kwetsbare positie bevonden zijn extra geraakt door de gevolgen van corona. En hoewel veel jongeren draagkrachtig zijn, leven vragen rondom het mentaal welzijn onder een bredere groep jongeren. Niet alleen de coronamaatregelen, maar ook toenemende prestatiedruk speelt hierin een rol.
Waar staan we?
Al voor het uitbreken van de coronacrisis waren er zorgen over het welbevinden van jongeren. In 2019 had één op de vier een matig tot verhoogd risico op het ontwikkelen van psychosociale problematiek. De coronamaatregelen hebben deze negatieve tendens nog eens versterkt.
Jongeren in Heerde geven aan dat ze zich zorgen maken om hun mentale gezondheid. Tijdens de brainstormsessie over dit thema kwam naar voren dat jongeren graag iets willen hebben om naar uit te kijken, zoals een feestje of een evenement. Daarnaast missen ze een veilige plek waar ze zichzelf kunnen zijn en ze zich kunnen ontwikkelen. We constateerden dat er niet één oplossing is voor alle jongeren met psychosociale problemen.
ONZE AMBITIE IS DAT ELKE JONGERE WEET WAAR HIJ TERECHT KAN ALS HIJ NIET LEKKER IN ZIJN VEL ZIT
Wat zijn onze ambities?
- We willen de samenwerking met het onderwijs op het thema mentaal welzijn versterken.
- We willen realiseren dat jeugdigen in hun omgeving durven te spreken over mentaal welzijn. Er rust geen taboe meer op mentale problematiek.
- Elke jongere weet waar hij terecht kan voor vragen als hij niet lekker in zijn vel zit.
- We willen de zorgproducten Jeugd-GGZ te onderzoeken, en waar nodig verbeteren en verrijken
Hoe laten we dit zien?
- Over vier jaar geven jongeren minstens een 7 aan het leven volgens de GGD-gezondheidsmonitor.
- Jongeren ervaren minder taboes rondom mentale gezondheid (kwalitatief onderzoek).
- Jongeren zijn op de hoogte van het aanbod aan (ondersteunings-)activiteiten (kwalitatief onderzoek)
- Het aantal jeugdigen dat jeugd-GGZ ontvangt is afgenomen volgens de GGD gezondheidsmonitor.
4.4 Organiseren doorgaande lijn jeugdgezondheidszorg
Ieder kind verdient de best mogelijke start van zijn of haar leven en een optimale kans op een goede toekomst. De eerste 1000 dagen van een kind zijn heel belangrijk voor een goede start. De gezondheid van een kind voor, tijdens en na de geboorte blijkt een belangrijke voorspeller te zijn van problemen -zowel fysiek als mentaal- op latere leeftijd.
De gemeente Heerde is verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg voor kinderen van 0-18 jaar. Deze taak wordt uitgevoerd door twee organisaties. De jeugdgezondheidszorg van 0-4 jaar wordt uitgevoerd door Vérian. De jeugdgezondheidszorg van 5-18 jaar verzorgt de GGD. Er zit dus een ‘knip’ in de jeugdgezondheidszorgdienstverlening. Op de vierde verjaardag van een kind vindt de overdracht plaats tussen de organisaties.
De gemeente Heerde is verantwoordelijk voor de jeugdgezondheidszorg voor kinderen van 0-18 jaar. Deze taak wordt uitgevoerd door twee organisaties. De jeugdgezondheidszorg van 0-4 jaar wordt uitgevoerd door Vérian. De jeugdgezondheidszorg van 5-18 jaar verzorgt de GGD. Er zit dus een ‘knip’ in de jeugdgezondheidszorgdienstverlening. Op de vierde verjaardag van een kind vindt de overdracht plaats tussen de organisaties.
Waar staan we?
De uitvoeringorganisatie van de jeugdgezondheidszorg presenteert eenmaal per jaar een overzicht van het aantal risicofactoren in het kinddossier. Deze hebben te maken hebben met het kind en/of de ouder. Deze risico’s kunnen op een later moment uitmonden in problemen. In 2021 waren er 222 kinderen met een kinddossier met risicofactoren.
De eerste 1000 dagen van een kind zijn heel belangrijk voor een goede start.
IEDER KIND VERDIENT DE BEST MOGELIJKE START VAN ZIJN OF HAAR LEVEN
Wat zijn onze ambities?
De komende jaren willen we ons inspannen om de jeugdgezondheidszorg als een doorgaande lijn te organiseren. Waarbij we speciale aandacht hebben voor de eerste 1000 dagen van een kind.
Dit gaan we doen door middel van:
- Het uitvoeren van de pilot 0-12 jaar. Hierbij vragen we aan de jeugdgezondheidszorgaanbieders om meer intensief met elkaar samen te werken. Dit om de overdracht van kinderen die 5 jaar worden, zo soepel mogelijk te laten verlopen.
- Uitvoeren van het actieprogramma ‘kansrijke start’. Hierbij willen we ook de verloskundigen in onze gemeente betrekken.
Hoe laten we dit zien?
- Door de pilot 0-12 jaar werken jeugdzorgprofessionals beter samen volgens deelnemende ouders aan de pilot (kwalitatief onderzoek)
- Vanaf 2023 tot 2027 zijn er jaarlijks 5 minder kinddossiers met risicofactoren aanwezig.